degrotelijnen.nl

Het bezwaar van de Leraar (boekrecensie)

Vanuit mijn huidige opdracht bij de Hogeschool Rotterdam, waar ‘radicale decentralisatie’ en ‘professionele autonomie’ de grote adagia in de strategische agenda zijn, gaat mijn interesse uit naar de mening, de beroepsidentiteit en de visie op goed onderwijs van de vakdocent voor de klas. Vanuit die interesse heb ik het boek Het bezwaar van de leraar gelezen. 

Van Haperen bouwt zijn betoog op in drie delen, voorzien van proloog en epiloog. Vanaf de start is de toon helder: confronterend, kritisch, recht voor zijn raap. Veel ervaring en stellingname. Niet overal direct onderbouwd, wel altijd overtuigend. Vanwege de felheid en stellingname. Dat is even wennen. Na het lezen van het eerste deel (‘Het schoolbestuur is een middeleeuwse organisatie) heb ik mijn mening over Van Haperen dan ook wel gevormd: Hautaine, academische leraar van de oude stempel, die lesgeven als een verheven functie wil zien, maar de markt daarvoor ziet afbrokkelen. 

Deel 1 lees ik door de bril van het systeem; Van Haperen vind ik zelfingenomen, cynisch en erg zwart-wit. De academisch geschoolde, 1egraads vakdocent is hét juiste model en schoolbesturen ‘zijn domme zetbazen van politiek, die zich maatschappelijke opdrachten laten opdringen en met steeds meer niet-lesgebonden taken het onderwijsproces frustreren’. Al lezende denk ik regelmatig dat hij wel een punt heeft, maar met deze toon de dialoog bij voorbaat mist. Terwijl het debat hierover nou net zo noodzakelijk is. Gemiste kans?!

In deel 2 (Leerlingen worden slimmer, leraren niet) blijft dat gevoel in eerste instantie hangen, al sluipt er wel nuance in. Knap verbindt Van Haperen het overheidsbeleid (achtereenvolgens de toegenomen schaalgrootte, lumpsum, steeds bedrijfsmatiger sturing door schoolbesturen, studiehuis, afschaffing maximale klassengrootte, herstructurering onderwijssalarissen, het convenant leerkracht en de functiemix én onbevoegd lesgeven na invoering wet Zij-instroom) met op zijn ervaringen geschoeide constateringen. Opgeteld is de conclusie: Een gemiddeld lager opgeleide leraar, niet eens altijd bevoegd, geeft les aan steeds grotere klassen. Dat helpt de onderwijskwaliteit niet.

De zelfreflectie wordt ook wat groter. Van Haperen realiseert zich dat hij klinkt als ‘opa vertelt’.  Dat maakt het verhaal charmanter. Het komt dichterbij. De introductie van het begrip ‘averechtse selectie’ maakt duidelijk waarom het systeem de betere leraren uitspuugt: De slechte leraren blijven en stromen door naar de schoolleiding. De beteren vertrekken, want als slecht ‘normaal’ is, willen ze daar niet bij blijven horen. Zij binden zich niet aan een school. 

Wat prettig is aan het boek, is dat de vragen die je als lezer bekruipen, op het juiste moment ook worden geadresseerd. Net als ik denk ‘Waarom is hij dan toch gebleven?’, stelt Van Haperen zélf die vraag. Het echte antwoord vind ik in deel 3 (Leren voor het examen is niet hetzelfde als leren), al zit de opmaat al in het tweede deel. Van Haperen is diep verbonden met het beroep. Ondanks het systeem en de in decennia opgebouwde frustratie, wordt hij gedreven door het ‘leerlingen leren leren’. 

De persoonlijke verhalen over zijn ontwikkeling van praktijkkennis als leraar, de zoektocht hoe je een klas vol leerlingen aan het werk krijgt en hoe je zorgt voor de ontwikkeling van kennis die ook beklijft, daar lees je de leraar die hart heeft voor zijn vak. Die hard werkt, omdat hij wil dat zijn leerlingen slagen in hun leven. Die jongleert met routine en vernieuwing. Die daar ver voor gaat. En dus een beetje beslisruimte nodig heeft, om de juiste prikkels te kunnen geven, om maatwerk te kunnen leveren. 

In een systeem dat steeds meer draait om toetsen in plaats van om inhoud, worden de verkeerde prikkels gegeven. ‘Teaching to the test’ ontkent de rijke academische inhoud en faalt in het aanzetten tot het plezier in leren, met motiveren van leerlingen en het nemen van verantwoordelijkheid voor het leren’, zo stelt Van Haperen. Ik vrees dat hij een punt heeft. Dat Nederlandse kinderen goed zijn in het maken van gestandaardiseerde toetsen, zorgt dat ons onderwijs in internationale vergelijkingen goed scoort. Maar dat heeft niets met leren en ontwikkelen te maken. 

Aan het einde van het boek, voel ik met de Van Haperens’ mee. Als je je vak serieus neemt, is er maar één conclusie: We zijn in een waardeloos systeem met een neerwaartse spiraal terecht gekomen. Wat fijn dus dat er leraren zijn, zoals Van Haperen, die zeggen: Ik maak bezwaar!  Al heeft zijn bezwaar een wrange ondertoon: ‘Ik snap al lang niets meer van schoolbeleid en daarom houd ik me maar vast aan wat ik weet van onderwijs. Op grote afstand van leiding en organisatie doe ik gewoon mijn werk’. 

Van Haperen is in het epiloog openhartig. Zijn openlijk kritische opstelling tegen het systeem heeft hem ook van alles gekost. Maar ik begrijp hem. En vind het verdrietig. Dit bezwaar van de(ze) leraar verdient het serieus gelezen te worden. 

Beste beleidsmakers, schoolbestuurders, onderwijsdirecteuren en toezichthouders: Lees dit boek, luister naar de docent. Het moet écht anders. Leer op je vingers zitten. Laat los. Laat het vaker aan de docententeams over. Mooier dan Van Haperen, ergens in het boek, kan ik zijn cri-de-coeur niet samenvatten, die -denk ik- door veel docenten wordt gevoeld:

“Vertrouw op mij. Ik weet namelijk hoe dit moet.” 

—————————————————————————-

Het bezwaar van de leraar

Hoe slecht beleid de Nederlandse school vernielt

Auteur: Ton van Haperen

ISBN: 9-789462-988637

Uitgever Amsterdam University Press (AUP.nl), 2018

 

(Het Blog is in ongewijzigde vorm ook als artikel op LinkedIn gepubliceerd).

Deel dit bericht

Share on linkedin
Share on print
Share on email
Judith-Homefoto

Wie ben ik?

Als zelfstandig interim manager/ procesbegeleider voeg ik me snel en gemakkelijk in een organisatie en help de ambities en doelen scherp te krijgen...

IMG_1713

Wat doe ik?

Vanuit mijn expertise op het gebied van verandermanagement, huisvesting en bedrijfsvoering, ondersteun ik organisaties bij uiteenlopende verbetertrajecten...

Life Long Learning

Door te lezen ontsnap ik even aan de druk van alledag. Niets lekkerder dan in een boek verdwijnen, de tijd te vergeten en je in een andere wereld wanen...